Onder de pannen

Bij het bouwen van een woning komt veel kijken. In de Goese wijk Ouverture wordt gewerkt aan het project Luminoso; twaalf vrijstaande energiezuinige huizen. Verslaggever en toekomstige bewoner Jeffrey  Kutterink  schrijft wekelijks over zijn ervaringen. 

Het ziet er belabberd uit. Met een soppend geluid trekken we onze laarzen uit de klei en bekijken we de voor ons gevoel hopeloze situatie. Wat nu? Na het slaan van de heipalen, en het leggen van funderingsbalken en leidingen, lijkt het of er iets vreselijk mis is. Als de vloer op zijn plek ligt, schiet één ding door het hoofd: er is een rekenfout gemaakt. Dat kan niet anders.

Ik loop de bouwtekening – die in mijn geheugen staat gegrift- nog eens door. In mijn gedachten staan de muren al op hun plek. Vlak voor de garage, aan de zijkant van het huis, komt de voordeur. Eenmaal binnen, is links de trap naar boven, rechts het toilet en de meterkast en recht voor me de kamerdeur.

Wat ik ook probeer, ik kan het me niet voorstellen. De vloer is in mijn beleving te smal. Na het openen van de kamerdeur, beland ik op het pad dat langs de woning loopt. En koken moeten we kennelijk voortaan in de tuin doen. Dat bankstel past al helemaal niet. De architect en aannemer hebben zich een nulletje vergist of een komma verkeerd gezet. Dat stukje beton naast het huis is een wel wat overdreven basis voor een hondenhok, maar daar past mijn auto toch echt niet op. Denk ik.

Een raar gevoel maakt zich van me meester. Ik zou blij moeten zijn. Dit wordt ons nieuwe huis. Maar teleurstelling overheerst. Is dít het? Is dit waar we zoveel geld voor betalen? Waar we ons zo druk over maken en veel tijd en energie aan besteden?

Er staat me slechts nog een ding te doen, voordat ik iedereen ga bellen die het moet weten: meten. Bij gebrek aan een duimstok, loop ik naar een hoek van de fundering en tel mijn passen. Net geen zes meter breed. Tot mijn stomme verbazing blijkt het wel te kloppen.

Toch ziet het er niet uit. Is er iets mis met mijn ogen? Dat betwijfel ik. Bovendien, begrijp ik achteraf, heeft iedereen die ooit met hetzelfde bijltje heeft gehakt, dezelfde ervaring. Het zijn niet de ogen die bedriegen, maar de hersenen die zich geen raad weten. Zij kunnen niet goed overweg met de beelden die mijn ogen waarnemen. Normaal gesproken zorgt stereoscopisch zicht voor het juist inschatten van afstanden en het ‘zien’ van driedimensionaal beeld. Maar dit keer verschilt het beeld van beide ogen kennelijk te weinig. Elk handvat voor ruimtelijk inzicht ontbreekt. Gezichtsbedrog, luidt mijn conclusie. Direct fleur ik op en mompel: je weet niet wat je ziet als je een huis bouwt.

0 reacties

Een reactie versturen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.